Dat Mag Dus Niet: F.A.Q.

Wat is Dat Mag Dus Niet?
Veel bedrijven en organisaties hanteren het credo dat een eenduidige manier van communiceren een belangrijk element is om een bepaald imago te vestigen. Hierbij wordt ‘herkenbare’ presentatie als een eerste vereiste beschouwd.

Daartoe hanteren bedrijven stijlboeken, brand guides, visuele identiteiten, communicatiestrategieën, en hoe het al niet genoemd wordt; alles om die visuele eenheid intern te handhaven. Daar kan van alles in staan: van taalkundige richtlijnen over de tone of voice die aan moet worden geslagen tot fotografierichtlijnen die licht werpen op welke foto’s het beste passen in het beeld dat de organisatie van zichzelf wil neerzetten.

Soms zijn PR-afdelingen echter dusdanig gedistribueerd, uitbesteed, of anderszins op afstand geplaatst van de strategische leiding, dat er ook voorbeelden moeten komen van vormen en beelden die de organisatie in elk geval niet wil uitdragen. Dit heeft als doel om oneigenlijke of ongewenste representatie van het moederbedrijf, die de beoogde visuele eenheid ondermijnt, te voorkomen.

Vandaar deze nieuwe rubriek. Gelijk de bekende Debiteuren Crediteuren-sketch ontlokt ieder beeld in deze categorie een gedecideerd: ‘Dat Mag Dus Niet’. Soms evident, soms grappig, soms abstract of ronduit raar. De microfoon is open voor eventuele verdere duiding.

(Overigens zijn de geschreven en uitgebeelde voorschriften en richtlijnen over wat er wel mag in een organisatie vaak minstens even interessant; daarom zal ook zeker die zijde van de medaille onder deze rubriek de revue passeren.)

Waarom Dat Mag Dus Niet?
Vaste lezers van DE ONDERKAST weten dat PR-afdelingen hier vaak bijzondere aandacht genieten. Public relations is bij uitstek een vakgebied dat zich bezighoudt met vormgeving van de werkelijkheid. De voorbeelden in deze rubriek funderen het besef van hoe intens doordacht organisaties soms zijn: dat ze niet alleen een beeldtaal hebben voor wat ze wel willen uitdragen, maar ook het negatieve spectrum waar ze ze zich niet onder scharen visualiseren.

Anderszins maken de voorbeelden duidelijk in welk licht, of in welk discours de organisaties zichzelf plaatsen, en op wat voor referentiekader ze door middel van hun beeldtaal wel of geen beroep willen doen.

Wat Mag Dus Niet?
De meeste PR-medewerkers komen van opleidingen die – niet verwonderlijk – inhoudelijk relatief dicht bij elkaar liggen. Dit zorgt voor een bepaald stempel dat in de voorbeelden tot dusver vrij eenvoudig herleidbaar lijkt.

In de eerste plaats moet hierbij worden opgemerkt dat er in de tot nu toe vergaarde stijlboeken een lichte bias is richting publieke organisaties (misschien doen private partijen over het algemeen iets beter hun best om inzage in hun stijlboeken tot een minimum te beperken?). Dit kan al een voorspeller zijn voor de geconstateerde overlap in wat er Wel en Niet Mag. Hoe het ook zij, hieronder volgt een bloemlezing van de meest voorkomende voorschriften:

  • In beeld moet meestal een authentiek en realistisch gevoel zitten; niet glad en ‘overgeproduceerd’.
  • Beelden zijn ‘ongedwongen, informeel en vrolijk’, maar moeten ook vaak ‘een verhaal vertellen’.
  • Beeldtaal (bijvoorbeeld in de vorm van typografie en logogebruik) is puur en eenvoudig: geen versiersels, geen ‘overbodige vormen’.
  • De pay-off, de zogeheten samenballing van waar de organisatie voor staat, is heel vaak ‘De mens centraal’. En als de mens centraal staat, is vaak ook een vereiste dat de mens in beeld is, bij voorkeur ook nog eens centraal.
  • In het verlengde hiervan is diversiteit belangrijk: alle onderscheiden ‘klantgroepen’ dienen evenredig aan bod te komen: ‘afwisselend mannen, vrouwen, kinderen, ouderen, schrijvers, muzikanten, jongeren’.
  • Als er duidelijk onderscheidbare doelgroepen zijn, dan vraagt iedere aparte doelgroep soms om een eigen accent in de beeldstijl. Zo willen, bijvoorbeeld voor een hogeschool, aspirant-studenten andere dingen zien in een universiteit dan alumni. Ook dat verdient expliciet de aandacht in de stijlboeken.

De visuele identiteiten zijn een mer à boire; deze korte exercitie zal hopelijk pas het topje van de ijsberg zijn.

Mag Dat Mag Dus Niet?
Hoewel de stijlboeken in principe voor intern gebruik binnen een bedrijf of organisatie zullen zijn, zijn ze met een beetje slim googelen vaak eenvoudig te vinden.

Ik zou bovendien niet weten waarom de doelgroepen van de organisaties die in deze rubriek de revue passeren (klanten, cliënten, studenten, what have you) géén inzage zouden mogen hebben in de rationale en overwegingen die er achter hun manier van communiceren schuilt.

Wat ligt er in het verschiet?
Meer van hetzelfde.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s