Het Grote Onderkast-diepteinterview

bookofdelightful00tuer_0225 (3)

De Onderkast bestaat krap een jaar (of seizoen, zo je wilt) en staat op het punt met zomerreces te gaan. Daarom wordt het onderhand eens tijd om de balans op te maken. En hoe kan dit beter dan in de vorm van een stevig, diepgravend interview. Dynamisch en interactief, lang leve de vooruitgang, driewerf hoera!

De Onderkast bestaat nu ruim een jaar. Hoe bevalt dat?
Uitstekend. Ik ben steeds minder in de gelegenheid om er de hoeveelheid tijd in te steken die ik erin zou willen steken, maar het bevalt in elk geval nog dusdanig goed dat ik daar wel voor wil blijven vechten.

Wat waren je overwegingen om De Onderkast te beginnen?
Ik liep al langer met het idee rond om een medium te stichten waar ik mijn (geesteswetenschappelijke) ei kwijt zou kunnen, mede geïnspireerd door Roland Barthes’ krantenrubriek in de jaren ’60 Mythologies, en het recentere pionierswerk van Casper C. Jansens De Snijtafel.

Die uiteindelijke stichting van De Onderkast had echter een veel concretere aanleiding: mijn afstuderen. Ik vond het belangrijk om de schrijfroutine die ik tijdens mijn studietijd had opgebouwd te blijven onderhouden. Zo zonder aantekeningen en essays zou dat binnen de kortste keren in het slop raken, en dat zou ik erg jammer vinden. Daarnaast leek het me leuk om eens te schrijven binnen een kader waar ik niet aan een vaste vorm gebonden ben. Het geeft de gelegenheid om mezelf zowel kwantitatief als kwalitatief uit te dagen en lekker te buiten te gaan, zonder hier aan iemand anders dan mezelf verantwoording voor af te hoeven leggen (zie ook het openingsbericht voor meer drijfveren).

Had je verwachtingen van De Onderkast, en van het fenomeen bloggen in het algemeen?
Totaal niet. De Onderkast moest in de eerste plaats een uitlaatklep vormen voor de onderwerpen waar ik mee in aanraking was gekomen tijdens mijn studie die ik verder wilde uitdiepen, begrijpen, en vooral begrijpelijk maken. Veel van wat ik voor mijn kiezen heb gekregen was extreem weerbarstig, zelfs dusdanig dat het je nogal eens tot wanhoop kan drijven. De ultieme vuurproef om te kijken of je iets écht snapt is om het op zo’n manier uit te leggen dat het aanraakbaar wordt – ook voor je eigen begripsvorming. Veel kwartjes vallen daarom ook nu pas, of nu pas écht: als ik mezelf voor het blok zet en dwing om op een bepaald onderwerp te reflecteren.

Ik had wel de verwachting dat het een persoonlijker blog zou worden dan het nu is, dat ik het wat meer op mijn eigen (belevings-)wereld zou betrekken. Na het openingsbericht ben ik daar  vrij snel van afgestapt; het bleek een vorm te zijn waarin ik totaal niet gedij. Een lekker afstandelijk onderwerp, of in elk geval een onderwerp waar ik met gepaste distantie over schrijf, werkt schrijftechnisch tot nu toe een stuk beter. Ook kwam ik om onduidelijke redenen uit bij de tweede persoon, als ideale kapstok om een verhaaltje aan op te hangen.

Door een bevriende blogger kreeg ik de zelfbenoemde bijbel Gij zult bloggen van Ernst-Jan Pfauth aangeraden, waar ik wel wat in heb lopen bladeren om te kijken hoe die hele bloggerswereld in elkaar steekt. Hoewel ik lang niet alles even bruikbaar vond (ik doe bijvoorbeeld bar weinig op het gebied van community building en dat soort fratsen) kon ik er toch wel een en ander uithalen, en het vormde wel een prettige verbreding van mijn bloggersblik. Zo schrijft hij dat bloggen aankloten is: “zwoegen, stukjes schrijven voor niks, enkel en alleen omdat je het jezelf verplicht.” Daarmee slaat hij bijvoorbeeld de spijker op zijn kop, proefondervindelijk.

Wat voor trends heb je kunnen ontwaren in het afgelopen jaar?
Het staat er slecht voor met de nuance, hoewel dat misschien iets van alle tijden is. Scherp aangezette stukjes met een rauw randje doen het in elk geval beduidend beter dan stukjes waarin de slotsom is dat de waarheid in het midden ligt.

Dat is natuurlijk ook een clue van niks, de waarheid in het midden: dat had je zelf ook wel kunnen bedenken.
Absoluut. En felle stukjes zijn ook nog eens een stuk leuker om te schrijven. Zuiver theoretische stukjes zien we volgend jaar ook niet meer terug: zonder concrete toepassing of aanleiding kun je er net zo goed een encyclopedie op naslaan.

Zijn er wel genoeg onderwerpen waar je over kunt schrijven?
Hier was ik van tevoren wel bang voor, maar de realiteit heeft me aardig achterhaald. Voor ieder stukje dat ik schrijf komen tien nieuwe ideeën in de plaats. Daarnaast merk ik dat het me steeds sneller begint te dagen als iets me niet zint, en gaat het ook steeds makkelijker om kort uiteen te zetten op welke punten dan wel niet. Bam! Weer een stukje. Dit is een bescheiden persoonlijke overwinning: ik ben kampioen in het mezelf in retorische bochten te wringen, wat overigens heel aangenaam communiceren is – op die manier ben je het altijd met iedereen eens -, maar vrij onhandig als je je eigen standpunt probeert te bepalen. Dat standpunt is dan als een hoopje zand dat tussen je vingers door glipt.

Hoe heb je jezelf in het afgelopen jaar nog meer ontwikkeld als blogger?
Ik begon aanvankelijk te bloggen met het idee dat het ook als een ‘visitekaartje’ zou moeten fungeren, als verlengstuk van mijn CV. Be nice to the people on your way up, you’ll meet them on your way down, dat werk. Dit was een van de tips uit De Dikke Pfauth die ik wel ter harte had genomen – mede ingegeven door het feit dat ik nog werkzoekend was toen ik ermee begon. Maar het werd hierdoor erg tandeloos en zouteloos. Het schrijft veel lekkerder als je niet al te veel in gaat zitten over wat ze er wel niet van zullen vinden. Ik schrijf juist om zelf beter vat te kunnen krijgen op de dingen, zonder hier verantwoording voor af te hoeven leggen of erover in te zitten of ik deze of gene voor het hoofd zou stoten – in het verlengde van eerdergenoemde persoonlijke overwinning. Met alleen maar aardig doen kom je ook niet verder.

Daarnaast merkte ik pas onlangs hoezeer het zwaartepunt van De Onderkast is gaan liggen bij de de media. Om de een of andere reden kom ik hier blijkbaar erg vaak op terug; misschien omdat de technieken in de media vaak tot de verbeelding spreken, of prettige handvatten bieden bij het concreet maken van de theorie – Barthes refereerde ook vaak aan de vraagstukken en heisa van zijn tijd om zijn theorieën te onderbouwen, te verbeelden of te beproeven. Wat dan wel weer jammer is, is dat over de media al erg veel geblogd en gepodcast wordt.

Hoe zie jij De Onderkast als actor in de internet-/bloggersscene?
Moeilijk om te zeggen, daar ben ik nog te kort voor bezig. Maar ik weet wel dat als je goed zoekt, je er wel achter komt dat alles al een keer is gedaan. Dat is een juk waar je je enorm door kan laten intimideren, maar je kunt er natuurlijk ook uitstekend je voordeel mee doen.

Wat kunnen we verwachten na de zomerstop?
Hopelijk meer van hetzelfde. Ik voel me goed bij de vorm die ik nu begin te vinden en wil graag nog even zo door. Lang leve de vrijblijvendheid, weg met het winstoogmerk.

Tot na de zomer!

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s